Zoals ik vorige keer al schreef (zie hier) was Sint Maarten een bijzondere man. Hij verrichtte het ene wonder na het andere. Maar waarom gaan op 11 november dan kinderen zingend met lampions langs de deuren? 

Op 11 november 397 overleed Sint Maarten. Die heette toen nog gewoon Martinus. Pas na zijn overlijden werd hij heilig verklaard. Vanaf dat moment werd zijn sterfdag alom gevierd, want het is natuurlijk een feest als een heilige toetreedt tot het Paradijs!

Nu was Sint Maarten de beschermheilige van de armoedzaaiers. Hij had tenslotte de helft van zijn mantel aan een bedelaar geschonken. Zijn sterfdag werd daarom een dag van eten uitdelen aan iedereen die wel iets extra’s kon gebruiken. En toevallig was hij ook nog de beschermheilige van de kinderen, dus al gauw werd Sint Maarten een dag waarop het jonge grut om lekkers ging bedelen. Zijn sterfdag viel bovendien laat in het jaar, als mensen ook al vierden dat de oogst was binnengehaald, het vee op stal stond en de beesten waren vetgemest voor de slacht. Bij zulke feesten werd flink gegeten en gedronken. Deze oogstfeesten zijn vermoedelijk met Sint Maarten vermengd geraakt. Waarom zouden er anders in november her en der nog steeds zogenaamde ‘Maartensveemarkten’ worden gehouden?

Vandaag de dag gaan kinderen met lampions langs de deuren. Die zijn waarschijnlijk een overblijfsel van Allerzielen – de dag waarop mensen overleden dierbaren herdenken en kaarsjes voor ze branden. Dat viel vroeger ook op 11 november, en is pas eind zestiende eeuw naar 2 november verplaatst.

In sommige plaatsen kun je je op 11 november bovendien warmen aan ‘Sint Maartensvuren’. Ook die zijn een overblijfsel uit vroeger tijden. Toen werden op de avond vóór Sint Maarten flinke vuren ontstoken. Al het lekkers dat de kinderen hadden opgehaald (noten, appeltjes, kastanjes) werd verzameld en in een grote korf boven het vuur gehangen. Daar zongen en dansten de kinderen omheen, net zo lang tot de korf vlam vatte – hét moment om onder luid gejoel tegen het ding aan te slaan zodat het lekkers in de rondte vloog.

Sint Maarten is dus een eeuwenoud feest. Het werd al gevierd in de Middeleeuwen, met ganzenbord (zie hier), grote vuren, zang en dans, en gebedel om lekkers. Bijzonder is dat dit feest de Reformatie heeft doorstaan, terwijl de protestanten in het algemeen niets wilden weten van heiligenverering. Stiekem vonden de protestanten het eigenlijk ook wel een leuke happening – te leuk om zomaar aan de kant te schuiven in elk geval. Maar ze hadden ook een geweldige smoes om op 11 november toch lekker uit hun dak te kunnen gaan. Er was namelijk nog een andere Maarten die met deze dag verbonden was: Maarten Luther, de aanstichter van de Reformatie, en gedoopt op 11 november … De protestanten konden daardoor met opgeheven hoofd zeggen dat ze op 11 november slechts het feest van hun eigen Maarten vierden!

(wordt vervolgd…)

(Meer heim-weetjes lezen? Kijk dan hier, of abonneer je met deze RSS-Feed!)